Mevrouw van de kaarten

DOOR JOLANDA VAN TOL

Zegveld - Wie Bep Burggraaf-Muit (72) door het dorp ziet fietsen kan er bijna zeker van zijn dat zij op pad is met het verjaardagsbusje. Al bijna 51 jaar bezoekt 'Tante Bep' of ook wel de "mevrouw van de kaarten' genoemd, leden van de Nederlands-Hervormde Kerk in Zegveld op hun verjaardag. In ruil voor een bijdrage in het busje krijgen de jarigen een kaart met bijbelse tekst.
De Zegveldse begon met negen gezinnen en intussen is dat aantal uitgegroeid tot 450 klanten en heeft ze een dagtaak aan het verjaardagfonds. Dit jaar werd Bep door de Hervormde Kerk in het zonnetje gezet en gehuldigd met een gouden insigne met briljant. "In februari is het 51 jaar geleden dat ik met negen gezinnen ben begonnen. De toenmalige dominee stelde voor dat leden 1 cent per jaar van hun leeftijd zouden geven, maar meestal gaven de mensen meer. Dat leverde per drie maanden ongeveer zeven gulden op en dat was in die tijd heel veel geld" vertelt Bep Burggraaf


Elke dag weer
"Ik ben er dagelijks mee bezig en soms heb ik een vrije dag. Op 27 december wordt het een drukke dag, dan heb ik er vijf. Vandaag heb ik twee adressen.
Bij de één ben ik vanmorgen geweest. Omdat het nogal glad was ben ik wat later gegaan dan de mensen van me gewend zijn en de reactie was dan ook; 'wat ben je laat' De tweede klant, want zo noem ik ze, ga ik vanmiddag bezoeken als de kinderen uit school zijn. Mijn ijzers om onder mijn schoenen te binden heb ik klaarliggen voor het geval dat het nog glad is. Als er bijvoorbeeld iemand niet thuis is, probeer ik het de volgende dag nog een keer. Een enkeling laat me op de stoep staan, maar bij de meeste klanten word ik gastvrij ontvangen. Het komt ook wel voor dat ik op hun verjaardag met het busje kom en de volgende dag op de koffie ga. Als er klanten in mijn vakantie jarig zijn, laat ik ze van tevoren even weten dat ik later kom. Op mijn eigen verjaardag op 1 juli heb ik twee klanten en dan sta ik vroeg bij ze op de stoep. Even gauw een bakkie doen en 's morgens voor tienen weer thuis" Bep Burggraaf begon met één busje. Een keer in de drie maanden wordt het verzegelde busje opengemaakt en de opbrengst door de kerkrentmeester geteld. "Intussen heb ik vier busjes, omdat de drie bussen steeds helemaal vol zaten heb ik een vierde busje aangevraagd. Maar ook het risico om met zo'n volle bus over straat te gaan vond ik niet verantwoord. Aan het eind van het kwartaal heb ik ongeveer vijfhonderd euro opgehaald. De opbrengst heeft wisselende doelen. Dit jaar is het bestemd voor nieuwe kussens op de banken in de kerk. Ook moet er iets gebeuren met de gebrandschilderde ramen aan de pastoriekant, omdat als de zon schijnt mensen daar last van hebben"
Spontaan
"Het is erg dankbaar werk en ik maak heel wat leuke voorvallen mee. Zo was ik pas op bezoek bij iemand in de Boschsloot (seniorenwoningen, red) en een bewoner die mij aanzag komen en helemaal geen lid is zei spontaan; "hier heeft u wat voor uw potje" en stopte er geld in. Dat vond ik zo'n mooi gebaar. Zo bezocht ik in mijn wijk een vrouw die altijd bijzonder weinig gaf. Een keer opende haar zoon de deur en stopte vijf gulden in de bus. Zijn moeder vond dat veel te veel en wilde het eruit halen, maar ja dat ging niet meer. Het gebeurt ook wel eens dat mensen om wisselgeld vragen, dat gaat dus niet met zo'n verzegelde bus. Aan de Hoofdweg bezocht ik een keer een oude mevrouw met een badkamerprobleem, omdat het er zo vies was. Ik heb haar blij gemaakt en de badkamer voor haar schoongemaakt 1 januari 2000 was een zwarte dag in het leven van Bep. Dat was de dag dat haar man Henk plotseling overleed. "Een heftige periode en ik mis hem nog steeds. Het was in die tijd moeilijk om met het busje rond te gaan en de klanten te feliciteren. Een klein jarig ventje zag dat ik moest huilen. Het volgende jaar vroeg hij of ik nog moest huilen. Dat heeft me zo ontroerd dat ik door wilde gaan. Je leert al die mensen door de jaren heen goed kennen. Ik hoop dat ik het nog lang kan blijven doen, want ik vervul deze taak met liefde. Als ik het niet meer zou kunnen doen dan zou leven stil, eenzaam en verdrietig worden.
Vooral na het overlijden van Henk.

Bron: Woerdense Courant 23 december 2008

Op bezoek bij Ido Vunderink

Het is een mooie vrijdag in oktober, geen gewone maar een bijzondere. De natuur is prachtig, er zijn schitterende herfstkleuren om ons heen. We zijn op weg naar de Meije, de plek waar de kunstschilder Ido Vunderink woont en werkt. Ido heeft een drukke tijd achter de rug in verband met de opening van zijn twintigste expositie. Wij zijn daarom bijzonder blij dat hij tijd voor ons wilde vrijmaken voor een interview.

Ido is geboren in Amstelveen in 1935, in een christelijk gezin. De hokjesgeest van de kerk heeft hem niet veel vreugde gebracht. Wel zijn de bijbelverhalen hem altijd bijgebleven. Een aantal daarvan speelt een belangrijke rol in zijn recente schilderijen. Ido heeft de kunstacademie in Amsterdam doorlopen.
Het gevoel van 'alles moet mooi zijn', heeft hij van zijn moeder meegekregen. Zij en andere familieleden schilderden in hun vrije tijd. Van jongs af aan bewondert hij alles wat er in de natuur aanwezig is of het nu groot of klein is. Hij maakte bijvoorbeeld op vierjarige leeftijd al een mooie krans met bloemen en aardbeien voor zijn moeder op moederdag.
Betrokkenheid
De liefde voor de medemens speelt ook een belangrijke rol in zijn leven. Samen met zijn partner stelt hij regelmatig, voor een kortere of langere tijd het huis open voor anderen. Deze betrokkenheid klinkt ook door in de schenking van prachtige kunstwerken aan het Hospice De Mantelmeeuw. Hij heeft het als een eer ervaren om zijn kunst in het Hospice een plek te mogen geven en op die manier mee te kunnen werken aan de sfeer in het huis. Bij de keuze van zijn schilderijen voor het hospice heeft hij zich laten leiden door de gedachte dat mensen die gaan sterven behoefte hebben om te kijken naar werken die mooi zijn, maar vooral ook licht, rust, ruimte, warmte en vertrouwen uitstralen.
Bescheiden
Wandelend door zijn huis en atelier zien we veel schilderijen die juist om die reden prima in het hospice zouden passen. Schilderijen met prachtige kleuren, tendere wolken en door geloof geïnspireerde werken die bevrijdend en rustgevend kunnen zijn. In alles blijkt hij de kunstenaar die met hart en ziel leeft en werkt. Bij dat alles blijft hij bescheiden. Hij ziet zijn talent niet als een bijzondere verdienste: "Iedereen heeft zijn eigen talenten. Het gaat erom watje daarmee doet. Mensen die zich inzetten als vrijwilligers in zorginstellingen en in het bijzonder degenen die de medemens steunen, liefdevol verzorgen en begeleiden tijdens de laatste fase in hun leven, of het nu thuis of in een hospice is, verdienen groot respect." Hij vindt het belangrijk dat mensen dié gaan sterven, omgeven worden door mensen die een arm om hen heen slaan en hen liefdevol verzorgen tot het einde toe.
Geen angst
Zelf is hij minder angstig voor de dood dan hij vroeger was. Hij hoopt, net als iedereen, dat wanneer het zover is, hij thuis kan sterven, zonodig met hulp van vrijwilligers. En als dat toch niet zou kunnen, vindt hij een hospice een heel goed alternatief. Regelmatig is hij in De Mantelmeeuw geweest om daar een vriend te bezoeken. De rust, de ruimte en de goede sfeer, die daar heerst, hebben hem bijzonder getroffen.
De werken van Ido Vunderink zijn te zien in zijn eigen galerie 'Vermeije', aan de Meije te Zegveld: een prima gelegenheid om te verpozen.

Bron: De Mantelmeeuw Hospice en terminale thuiszorg Woerden - december 2008

Kerstzang

De traditionele Kerstzangavond van de gezamenlijke verenigingen in Zegveld wordt dit jaar op maandag 15 december gehouden in de Milandhof. Het thema .van deze avond is: "Licht in de duisternis" Spreker is Ds. J.C. Colenbrander uit Linschoten. Muziekvereniging 'Kunst na Arbeid' zorgt voor de muziek en 'De Lofstem' en 'Kinderkoor' met soliste en dirigente Pia Schütz voor de zang. De kerstzangavond begint om 19.30 uur.

Oud papier

Muziekvereniging Kunst Na Arbeid haalt komende zaterdag weer oud papier op. Vanaf 8.30 uur komen vrijwilligers de deuren langs. De opbrengst is bedoeld voor de verenigingskas.

Zesde winterfair in de Milandhof

Zegveld - De Culturele Stichting Zegveld organiseert aanstaande zaterdag voor de zesde keer een winterfair in de Milandhof. De Milandhal wordt weer omgetoverd in een winters decor, met kraampjes en een gezellig terras. Voor de kinderen is er een knutselhoek waar zij waxinelichtjes kunnen beschilderen. En natuurlijk is de kerstman ook weer van de partij. 'Kleinveeteelt richt een knuffelhoek in met konijnen en cavia's. Drijvende kracht achter de fair is CSZ-lid Edith Benetreu. "Dit jaar hebben we ongeveer 50 kraamhouders. Iets minder dan voorgaande jaren, maar er is ook best veel concurrentie van kerstmarkten in de regio. Alhoewel de kerstmarkt zoals in Woerden een heel ander karakter heeft. Onze kraamhouders zijn heel oneerbiedig gezegd, hobbyisten die de mooiste dingen maken en daardoor zijn deze artikelen uniek en niet zomaar in de winkel te koop. Wij merken wel dat onze fair steeds meer bekend wordt, omdat we, zonder te adverteren, niet alleen aanmeldingen uit de regio hebben, maar ook ver daar buiten" vertelt Edith Benetreu "De toegang is gratis en dat kunnen we ons veroorloven door een belangrijke sponsorbijdrage van de O.V.M. uit Zegveld "
De winterfair begint om 10.00 uur en duurt tot 16.00 uur
 

Bron: Woerdense Courant 11 december 2008

Van Baker tot Bakker

DOOR SASKIA AERTS
Zegveld
Toen de Zegveldse bakker Jan de Leeuw met kraamverzorgster Annalies trouwde, moest hij beloven dat ze nooit op een markt hoefde te staan. Na vijfjaar streekmarkt, denkt ze daar heel anders over. "Ik ben van Woerden en de Woerdenaren gaan houden en heb het hier zó naar mijn zin!"
Het pand van bakkerij 'de Leeuw' aan de Hoofdweg in Zegveld staat op historische grond. Wie de bakkerswinkel binnengaat waant zich zelfs in een vooroorlogse setting. "Onze bakkerij is de oudste van Nederland en de inrichting is zeker 100 jaar oud." vertelt Jan de Leeuw. "Sinds 1550 wordt hier gebakkerd door de familie Nedersticht. Ik ben een nazaat van deze familie en de 29-ste generatie die op deze plek het bakkersvak uitoefent. In 1672, tijdens de Franse bezetting is de bakkerij afgebrand en op de fundamenten een nieuwe gebouwd. Dit pand is in 1953 afgebroken en wederom opnieuw opgebouwd. Onder de fundamenten kwam er een middeleeuws molensteentje tevoorschijn dat nog altijd als decoratie in de etalage ligt." Naar het zich laat aanzien vormt Jan de laatste bakkergeneratie. Zijn zoon en twee dochters hebben nog geen trek in het bakkersvak. "Zij zien dat wij er altijd druk mee zijn." Vertelt Annalies. "Vijf dagen per week staat de wekker op 2.00 uur en gaat Jan aan het werk. Rond 7.30 uur komen de eerste broden uit de oven. De nacht van vrijdag op zaterdag slaat Jan helemaal over. Pas wanneer ik wegrijd gaat Jan naar bed. Hij slaapt twee keer per dag drie uur. Ik begrijp best dat dit de kinderen ervan weerhoudt om het bakkersvak in te gaan. Maar ze helpen ons wel goed mee hoor! Op zaterdag zorgen zij de hele dag voor de winkel!"
Het brood en het banket van bakkerij de Leeuw wordt volgens oud recept op ambachtelijke wijze bereid. "Het enige machinale dat ik in de bakkerij heb staan is de deegmachine. Als het deeg klaar is gaat er een
doekje overheen en krijgt het de tijd om te rijzen."vertelt Jan. Behalve brood wordt er momenteel volop gewerkt aan andere lekkernijen. Annalies: "In deze Sinterklaastijd vinden de speculaas, die met de hand op honderd jaar oude speculaas-planken wordt uitgesneden, en Zegveldse moppen (een anijskoekje) gretig aftrek. Op de Kerstmarkt zijn de 'Groene Hart koekjes' er weer. Die hebben we samen met Irma van der Vlugt bedacht ter gelegenheid van het vijf jarig bestaan van de streekmarkt. Het zijn koekjes in de vorm van een hartje met in het midden een, met de hand gekleurd, groen suikerklontje of amandelpitje." "Elke zaterdagochtend als ik met mijn kleine witte busje kom aanrijden, is mijn achterklep al open voordat ik stil sta. Dan staat mijn buurman, Moos Lewis weer paraat om me te helpen met het uitstallen van de producten. Zeker de helft van de klanten zie ik wekelijks. Ik weet wat ze kopen en dat leg ik alvast voor ze apart. Er zijn mensen met wie ik in de loop der jaren een hechte band heb opgebouwd. Als ze er niet zijn dan valt mij dat op. Alle verdrietige en blije momenten delen ze spontaan met me. En als ik na de streekmarkt thuiskom, komt Jan uit bed en gaan we met de kinderen en schoondochter koffie drinken en de markt nabespreken. Voor ons is het een echte familiemarkt geworden!"

Bron: Woerdense Courant 4 december 2008